XSluiten

Door verder op onze site te browsen, aanvaardt u het gebruik van cookies waarmee wij diensten en aanbiedingen kunnen voorstellen waarvoor u belangstelling toont.

Meer weten en de cookies instellen

 

CENTELLA ASIATICA
Hoofdindicaties: Rimpels en rimpeltjes,
verlies van stevigheid en elasticiteit
PURE ACTIEVE STOF A94
Bibliografische samenvatting
 
  • INCI-naam : Centella asiatica leaf extract
  • Bladextract van Centella asiatica dat asiaticoside en madecassoside bevat
 

Centella asiatica behoort tot de familie van de Apiaceae, die deel uitmaken van de Indiase farmacopee. De plant groeit in subtropische gebieden en wordt met name in India, China en Zuid-Afrika en op Madagascar gevonden. De plant wordt al meer dan 3000 jaar gebruikt in de Ayurvedische en Chinese geneeskunde voor de behandeling van huidproblemen en vanwege zijn effect op de microcirculatie. Op Madagascar wordt een infusie van de bladeren gebruikt voor allerlei huidaandoeningen (waaronder lepra), om littekenvorming bij wonden te versnellen en om haarproblemen te behandelen.
De bladeren van deze plant zitten vol actieve stoffen. Ze bevatten gluciden, fenolen (flavonoïden, tanninen) en triterpenen die specifiek zijn aan deze plant: de CAST’s (Centella asiatica Selected Triterpenes). Hieronder zijn asiaticoside en madecassoside, waarvan de werking grotendeels is aangetoond.
Centella asiatica heeft een positieve werking op de littekenvorming, is ontstekingsremmend, helpt de huid herstructureren en beschermt de aderen. Soms wordt de plant door dermatologen gebruikt om de littekenvorming te versnellen en de huid te hergenereren. Centella asiatica wordt gebruikt in talloze antiverouderings-, aftersun- en verstevigende producten.

 

  • WERKINGSMECHANISME / BEWIJS VAN DOELTREFFENDHEID

 

Er worden talloze eigenschappen toegeschreven aan dit kleine plantje.

1. Stimulatie van de biosynthese van collageen

Het is aangetoond dat extract van Centella asiatica de biosynthese van collageen door fibroblasten in een cultuur stimuleert. Collageen vertegenwoordigt 70% van het droge gewicht van de huid. Het bestaat voor 80-90% uit type I collageen en voor 10-15% uit type III collageen. Deze twee soorten collageen dragen bij aan de vorming van verschillende huidvezels. Wanneer de huid ouder wordt, bevat ze minder collageen. Daardoor wordt de huid minder dik en dus minder stevig en elastisch.

De triterpenen in Centella asiatica stimuleren de aanmaak van nieuw bindweefsel (collageen/elastine) [1] en de aanmaak van collageen op dosisafhankelijke wijze [2]. Asiaticoside, een stof die in de bladeren van Centella zit, stimuleert de expressie van genen die zorgen voor de productie van collageenproteïnen [3].

Een studie uit 2006 [4] toont aan dat asiaticoside bovendien op dosisafhankelijke wijze de fosforylatie van Smad2 en Smad3 stimuleert. Deze stoffen behoren tot een proteïnefamilie die een rol speelt in de expressie van het gen voor collageen I. Vanaf het moment dat een verbinding tussen TGF-β en de bijbehorende receptor wordt gevormd, bepaalt de fosforylatie van Smad2 en Smad3 de expressie van het collageengen.

2. Weefselherstel en littekenvorming

Bij de kweek van menselijke fibroblasten regelt asiaticoside op positieve en significante wijze de expressie van 54 genen, waarvan bekend is dat ze van invloed zijn op de celproductie, de cellulaire cyclus en de aanmaak van stoffen in extracellulair weefsel [5]. Talloze in vitro-onderzoeken hebben aangetoond dat asiaticoside zorgt voor de ontwikkeling van nieuwe vaatjes door de productie van MPC-1 te stimuleren [6]. MPC-1 trekt in hoge mate monocyten en bepaalde lymfocyten aan om beschadigde vaatjes te repareren.

3. Bescherming van de huidintegriteit

De beschermende eigenschappen van Centella asiatica zijn verwant aan de aanwezigheid van glucuronide flavonoïden: deze stof is van nature aanwezig in het menselijk lichaam en staat bekend om zijn antioxiderende werking..

 

  • SAMENVATTING

 

In de farmaceutische industrie zijn extracten van de plant ontwikkeld. De actieve stoffen zijn veelvuldig onderzocht bij inname en plaatselijk aanbrengen. De genactivatie voor de expressie van collageen I is vastgesteld. Er is klinisch aangetoond dat de plant een herstructurerende werking heeft op het weefsel bij ziekten als lepra. Ook verloopt de littekenvorming beter. Er zijn ook interessante effecten op de verbetering van de bloedsomloop en cellulitis gevonden.

De extracten hebben een regelende werking op het ontstekingsproces dat optreedt bij littekenvorming (cheloïden). Dit maakt het een onmisbaar product, individueel of in combinatie als men de werking op een geïrriteerde of ontstoken huid wil versterken.

Het product is dus naar voren gebracht om in de farmaceutica afwijkingen in de littekenvorming te behandelen en in de cosmetica om veroudering en cellulitis tegen te gaan.
Het werkingstype en de literatuur geven aan dat het effect niet direct zichtbaar is maar in de loop van enkele behandelingsweken optreedt.

 

  • DOELTREFFENDE DOSIS

 

Uit de wetenschappelijke publicaties en studies, het traditionele gebruik van deze stof en de mening van onze expert is geconcludeerd dat deze actieve stof in een dosis van 4% moet worden aangewend, wat overeenkomt met 74 mg Centella asiatica per flacon van 100 ml.

 

  • BRONNEN

 

[1] Activité comparée de l’asiaticoside et du madécassoside sur la synthèse du collagène I et III par des fibroblastes humains en culture. F. Bonté et al. Annales Pharmaceutiques française: 1: 38-42. 1995.
[2] Stimulation of collagen synthesis in fibroblast cultures by a triterpene extracted from Centella asiatica. Maquart FX et al. Connect Tissue Res. 24:107-20.   1990
[3] Asiaticoside induction for cell-cycle progression, proliferation and collagen synthesis in human dermal fibroblasts. Lu L. et al. Int J Dermatol. 43(11):801-7. 2004
[4] Asiaticoside Induces Human Collagen I Synthesis through TGFβ Receptor I kinase (Tβ RI kinase) Independent Smad Signaling. Jongsung Lee et al, Planta Med. 72: 324-328. 2006.
[5] Dermal fibroblasts associated gene induction by asiaticoside shown in vitro by DNA microarray analysis. I. Lu et al. British Journal of dermatology. 151: 571-578. 2004.
[6] Facilitating action of asiaticoside at low doses on burn wound repair and its mechanism. Y Kimura et al. European Journal of Pharmacology.  584(2-3):415-423. 2008.